Generaal Maczek Museum      

 

                                                                      2002

                                                                                                                                       

Door op een van de onderstaande links te klikken kunt u de persberichten van het
bovenstaand jaar nog eens inzien.

Gouden Baar voor Poolse Bredanaars (22 februari)
Cursus over relatie Breda en Polen (14 maart)
Maczekmuseum weer open (20 april)
'Poolse' tank is Duits (18 mei)
Museum wil alles weten van Jesualdus (14 juni)
Museum wil meer weten over schilder Stefanoff (18 juli)
'Dit is niet zo maar een vaandeltje' (17 augustus)
Ook 'Bredase' films in Maczekmuseum (14 september)
Een eeuw Parkzicht te zien op foto's (24 september)
Maczekmuseum zet zondag deuren open (24 oktober)
Vreugde in Breda verbaasde Maczek (15 november)

 

 Van onze verslaggever

Gouden Baar voor Poolse Bredanaars


Vrijdag 22 februari 2002 - BREDA - Twee Bredase Polen, Ad Stopa en Frans Ruczynski, hebben in Londen een hoge onderscheiding gekregen van de 1e Poolse Pantserdivisie van generaal Maczek. Het gaat om de Gouden Baar, een insigne dat zij ontvingen uit handen van voorzitter Deimel van de wereldwijde organisatie.

Ad Stopa en diens vrouw Kristina (rechts) en Frans Ruczynski en diens echtgenote Riena (links) met de oorkonde die bij de divisie-onderscheiding horen.

De onderscheiding gaat naar mensen die (grote) verdiensten hebben voor de 1e Poolse Pantserdivisie. Er zijn volgens Polen-deskundige bij uitstek Jos van Alphen (overigens ook in het bezit van zo'n onderscheiding) niet zoveel mensen die zo'n insigne krijgen.
Frans Ruczynski is voorzitter van het bestuur van het Gen. Maczekmuseum in Breda en Ad Stopa is vice-voorzitter van de Bredase afdeling van de 1e Poolse Pantserdivisie en heeft grote verdiensten voor de Poolse gemeenschap in Breda. De onderscheidingen zijn in het Sikorski Instituut in Londen uitgereikt bij de viering van het 60-jarig bestaan van de divisie. Die is op 26 februari 1942 opgericht in Schotland, waar de uit Frankrijk geëvacueerde Poolse soldaten naartoe zijn gebracht. Jos van Alphen, die grondig onderzoek heeft gedaan en nog doet naar de geschiedenis van de divisie, weet dat de Polen in het begin in Schotland niets hadden. Ze liepen rond in Franse uniformen en waren gelegerd in tenten. Later pas kregen ze een vast dak boven hun hoofd. De oprichting van de divisie was een duidelijk signaal dat de Polen hun rol wilden spelen bij de bevrijding van Europa.

Van Alphen: "Kort na het uitbreken van de oorlog werden ook de oude, conservatieve Britse generaals opgeroepen, die dachten dat ze net als tijdens de Eerste Wereldoorlog weer met een stellingen-oorlog te maken zouden krijgen. Maar generaals als De Gaulle en Maczek, die samen op de krijgsschool in Parijs hadden gestudeerd, wisten van het bestaan van wat de bewegings-oorlog werd genoemd. Zij wisten van vliegtuigen en tanks waarvan de bemanningen met elkaar communiceerden. Dat bestond vroeger niet, toen gebruikten de bemanning van tanks nog vlaggetjes om met elkaar te communiceren."De divisie van Maczek bestond zowel uit cavalerie (tanks) als uit infanterie en ook dat was vernieuwend en een keerpunt in de krijgshistorie. De stellingen-oorlog was voorbij, ook al duurde het lang voordat de Britten van het idee afgebracht waren dat ze geen tunnels op 100 meter diepte meer onder de Duitse linies hoefden te graven om daar springstof tot ontploffing te brengen.
Jos van Alphen: "Maczek kreeg echt alle vrijheid om de vernieuwende manier van oprukken uit te voeren."
De feestelijkheden in Londen werd gevierd door een tanende groep Poolse veteranen, die inmiddels de vlag hebben overgedragen aan hun jongere landgenoten.

top                                                                                                                  Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Cursus over relatie Breda en Polen

Donderdag 14 maart 2002 - BREDA - De Poolse bevrijders en de huidige Poolse inwoners van de regio Breda vormen het onderwerp van een cursus die Volksuniversiteit De Brede Aa binnenkort gaat aanbieden. Jos van Alphen, Polen-deskundige bij uitstek in deze regio, geeft de cursus.

Het is de bedoeling dat Van Alphen laat zien hoe en waarom Breda bevrijd werd door de Polen. De cursisten brengen later onder meer een bezoek aan het Generaal Maczekmuseum op de Trip van Zoudtlandtkazerne. Daar is enorm veel te vinden dat betrekking heeft op de bevrijding van Breda in 1944.
Van Alphen besteedt ook aandacht aan de monumenten en Poolse erevelden die nog in de stad te vinden zijn. Tenslotte gaat de cursus ook over de na-oorlogse periode van de Polen in Breda, het bloeiende verenigingsleven, de vergrijzing en de rol van de tweede en derde generatie nakomelingen van Poolse oud-strijders. De speciale band die Breda heeft met de Polen, komt duidelijk naar voren in de cursus.

Het gaat om in totaal vier dinsdagavonden. De eerste avond is op dinsdag 26 maart en iedere cursusavond duurt van 19.30 tot 21.45 uur. De prijs is € 38,12 en de plaats van handeling is het Florijn College aan de Wilhelminasingel. Het lesmateriaal kost drie euro; de entree van het museum moet ook betaald worden.
Meer informatie en inschrijven bij De Breda Aa, Dr. van Mierlostraat 37, telefoon 076-5217233.


top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Maczekmuseum weer open


Zaterdag 20 april 2002 - BREDA - Het Generaal Maczek Museum op het terrein van de Trip van Zoudtlandtkazerne -in Breda zet morgen (van 14.00 tot 17.00 uur) zijn deuren open voor het publiek.

Het museum is voor het eerst sinds 11 september weer toegankelijk. Na de aanslagen in de Verenigde Staten zijn op het kazerneterrein strengere regels ingevoerd. De openstelling van het museum, op de derde zondag van de maand, kon daardoor een aantal maanden niet doorgaan.
"We hebben het afgelopen half jaar benut om een compleet nieuwe expositie in te richten", zegt J. van Alphen van het Maczek Museum. "De nieuwe tentoonstelling heet Van Baarle-Nassau tot Moerdijk. Met foto's brengen we de opmars van de Eerste Poolse Pantserdivisie in West-Brabant in beeld, van Weelde-Statie tot aan het Hollandsch Diep."

Vast onderdeel van de nieuwe expositie is de vertoning van Idziemy, de Nederlands ondertitelde film over de pantserdivisie die onder bevel van Stanislaw Maczek grote delen van West-Europa bevrijdde van de Duitse bezetting.
Het museum beheert en verzamelt onder meer foto's van de pantserdivisie. Het heeft bijvoorbeeld een fotocollectie van het Sikorski Instituut in Londen onder beheer. Op verzoek van dat instituut documenteert Van Alphen de foto's: waar en wanneer zijn ze gemaakt?

De foto van de Poolse militairen en het meisje dat hun wasgoed aanreikt, is volgens Van Alphen gemaakt in West-Brabant. Maar waar precies? Het zou in Baarle, Gilze, Breda of andere plaatsen kunnen zijn. Wie inlichtingen heeft, kan het museum bellen (076-5274089). Het museum is morgen te bereiken via de kazernepoort aan de Lovensdijkstraat. Bezoekers dienen een legitimatiebewijs bij zich te hebben.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

'Poolse' tank is Duits

Zaterdag 18 mei 2002 - BREDA - De volksmond in Breda spreekt over de 'Poolse' tank in het Wilhelminapark, maar het gaat in werkelijkheid om een tank van Duitse makelij, een Panther.

Zondag kunnen belangstellenden in het Gen. Maczekmuseum (ingang Lovensdijkstraat) tussen 14.00 en 17.00 uur meer te weten komen over deze tank, die al zo lang aan de rand van het Wilhelminapark staat als symbool van de bevrijding van Breda door de Polen. Het museum is na geruime tijd weer open.
Na de aanslag van 11 september besloot de legerleiding dat kazernes niet meer toegankelijk waren voor burgers en het Gen. Maczekmuseum is gevestigd in de Trip van Zoudtlandtkazerne. De maatregel is ingetrokken. De mensen achter het museum hebben volgens bestuurslid Jos van Alphen die tijd echter ook goed gebruikt voor een nieuwe expositie, die de Polen volgt van Schotland via Normandië, Baarle-Nassau en Breda naar Moerdijk. Daar is trouwens ook een film van die zondag voortdurend wordt vertoond. Wie naar het museum wil, moet wel even zijn paspoort of rijbewijs meenemen.En er is een hoekje ingericht over de herkomst van de 'Poolse' tank. Het gaat dus om een Panther, één van de eerste van deze geduchte strijdwagens die van de band is gerold en nog vol fouten zat. Jos van Alphen denkt wel dat de tank mogelijk bij acties betrokken is geweest, maar nooit in de regio Breda. De Polen vonden hem op een proefterrein van Krupp in het Duitse Meppen. "En dat enorme terrein lag na de oorlog in de sector van de Polen. Er was van alles opgeslagen en ik denk dat de Polen alle oorlogstuig uit de buurt daarnaar toe hebben gebracht. Ze troffen er onder meer drie chassis aan van de 'Mous', een monsterlijk grote tank van 100 ton zwaar die nooit gereden heeft, maar waarvan Hitler vond dat die toch ontwikkeld moest worden."
Na de oorlog hebben de Polen de tank op een oplegger geladen en mee naar Breda genomen, waar de Panther een plaats kreeg in het Wilhelminapark. "In Breda bestaat een ijzersterk verhaal dat het om een Poolse tank gaat of om een tank die in deze regio of zelfs in Normandië was veroverd, maar dat is dus niet waar." De Panther was een geducht wapen: snel en beweeglijk en met een relatief zwaar kanon, dat van korte afstand een geallieerde tank kon uitschakelen en dat is ook vaak gebeurd. In het Gen. Maczekmuseum is er zondag (eerste pinksterdag) meer over te vinden.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Museum wil alles weten van Jesualdus

Vrijdag 14 juni 2002 - BREDA - Poolse veteranen, die na de Tweede Wereldoorlog in Breda zijn gebleven, en ook wel hun Bredase vriendinnen of vrouwen, gingen in de jaren na 1945 vaak bij hem te rade. Een pater kapucijn met een lange, rafelige grijze baard, die naar de naam Jesualdus luisterde.

Hij bivakkeerde bij de kapucijnen in de Schorsmolenstraat en was een Polen-expert. Jesualdus had voordat hij in Breda neerstreek namelijk 21 jaar van zijn godvruchtige leven doorgebracht in Polen, waar katholieken voor en tijdens de Eerste Wereldoorlog vervolgd waren door Russische orthodoxen. Na 1918 werd Polen weer één, maar priesteropleidingen en dergelijke hadden allemaal stilgelegen. De Nederlandse kerkprovincie kreeg het verzoek priesters en paters te 'leveren' en de kapucijnen deden dat met frisse tegenzin.
Josephus Willemen (pater Jesualdes) uit Rijen was één van hen en hij bleef er 21 jaar. In augustus 1944 slaagde hij er middenin de oorlog in om met de trein via Warschau en Berlijn in Breda te belanden.

Van de twee jaren in Breda - eind 1945 werd hij guardiaan van een klooster in Tilburg - van pater Jesualdus is niet zoveel bekend. Het Gen. Maczekmuseum in de Trip van Zoudtlandtkazerne, dat komende zondag weer open is tussen 14.00 en 17.00 uur (identiteitsbewijs meenemen), wil graag meer weten over de pater en zijn werk in Breda.
Volgens Kristina Stopa en Jos van Alphen van het museum is ook het leven en werk van Jesualdus een belangrijk onderdeel van de geschiedschrijving van de Polen voor en na de bevrijding van Breda.
"We hopen maar dat er zondag mensen komen die wat meer over hem kunnen vertellen, want eigenlijk is er maar weinig van hem bekend." Hij staat wel afgebeeld op het grote schilderij dat in het Gen. Maczekmuseum hangt en Jesualdus staat ook op foto's die gemaakt zijn bij de onthulling van de 'Poolse' tank in het Wilhelminapark
Zijn rol moet zeker niet onbelangrijk zijn geweest. Hij maakte zich zorgen om de 'alhier gestrande Polen', schreef hij. Na vijf jaar vechten en oorlog voeren hadden de Poolse veteranen het absoluut niet gemakkelijk, ze hadden aanpassingsmoeilijkheden in een omgeving waar ze nauwelijks verstaan werden. Ook de meisjes en vrouwen die in Breda verliefd werden of trouwden met Poolse veteranen deden vaak een beroep op hem. Als tolk, als vertrouwensman, als kenner van de Poolse ziel en de cultuur. Hij overleed in 1950 aan een hartkwaal.
En over die man willen Kristina Stopa, Jos van Alphen en de rest van de mensen achter het museum graag meer weten. De hoofdmoot van het kleine maar fijne museum bestaat uit een (fotografisch) overzicht van de opmars van Gen. Maczeks troepen tussen Baarle-Nassau en Moerdijk.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Museum wil meer weten over schilder Stefanoff

Donderdag 18 juli 2002 - BREDA - Met de Polen kwam na de Tweede Wereldoorlog ook Christo Stefanoff mee naar de regio Breda. Stefanoff was een schilder, die in Amerika en Oost-Europa faam genoot en die een aantal jaren in plaatsen als Oosterhout en Rijen heeft gewoond.

Het Generaal Maczekmuseum in Breda geeft komende zondag (wanneer het museum in de Trip van Zoudtlandtkazerne weer open is tussen 14.00 en 17.00 uur) speciale aandacht aan Stefanoff. Het museum bezit zelf vier schilderijen van Stefanoff, die na de oorlog in het spoor van Generaal Maczek heeft vertoefd. Hij maakte schilderijen en oorkonden die bij allerlei plechtigheden door de 1e Poolse Pantserdivisie werden aangeboden.
De mensen achter het museum willen meer te weten te komen over Stefanoff. Hij heeft ook een tekening gemaakt, waarschijnlijk in Rijen of Oosterhout, van een man. Die tekening is zondag ook te zien en Krystyna Stopa-Konowrocka van het museum wil graag weten wie de man op die tekening is.Stefanoff was eigenlijk een Bulgaar, die in 1924 afstudeerde aan de kunstacademie in Sofia. Hij gebruikte een spateltechniek, waardoor zijn schilderijen gingen 'leven' vanwege de steeds andere lichtinval. Voor de oorlog reisde hij over de hele wereld. Hij had tentoonstellingen in Chicago, Greta Garbo stond model voor hem en in 1934 kwam hij in Polen terecht, waar hij ook trouwde. Hij werd meer 'Pool dan de Polen'.

Na de bezetting van Polen, sloot Stefanoff zich aan bij de ondergrondse. Volgens Krystyna Stopa heeft hij zeker 150 mensen gered door ze over de grens met Tsjecho-Slowakije te zetten. De Duitsers pakten hem tot tweemaal toe op en hij kwam samen met zijn vrouw uiteindelijk in verschillende concentratiekampen terecht. Hij werd bevrijd toen hij in Bergen-Belsen zat. Vlak daar in de buurt zat de 1e Poolse Pantserdivisie van generaal Maczek als bezettingsmacht. Stefanoff werd als burger in dienst genomen en werd tekenleraar voor Polen die in Duitsland te werk waren gesteld en nog niet naar vaderland terugkonden, waar inmiddels de Russen zaten.
Stefanoff kwam met Macezek mee naar Nederland en dus naar de regio Breda. Hij maakte onder andere de grote triptiek voor Breda die in het Generaal Maczekmuseum te zien is. Hij hield een aantal tentoonstellingen waar hij zijn werk verkocht en als gevolg daarvan moeten er nog veel schilderijen in Nederland in omloop zijn. In Nederland en Polen zijn er naast het Bredase museum geen andere musea waar zijn schilderijen te zien zijn. Wel in Italië, en andere landen in Zuid-Europa. Het Maczekmuseum wil in de toekomst graag een tentoonstelling maken over Poolse kunst gerelateerd aan de 1e Poolse Pantserdivisie, die Breda bevrijd heeft. Daarom wil Krystyna Stopa meer te weten komen over Stefanoff.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

'Dit is niet zo maar een vaandeltje'

Zaterdag 17 augustus 2002 - BREDA - Vaandels speelden en spelen een belangrijke rol in het leven en leger van Polen. De uitreiking van een nieuw vaandel aan een legeronderdeel of een instituut is steevast een groot evenement.

Vandaar ook dat het Generaal Maczekmuseum in Breda het vaandel koestert dat in zijn bezit is. Morgen kan dit vaandel bekeken worden in het museum op de Trip van Zoudtlandtkazerne (ingang Lovensdijkstraat), dat dan weer open is van 14.00 tot 17.00 uur.
De Bredase oud-strijder Jan Krzeminski (80) en Krystyna Stopa van het museum zeiden deze week: "Het is niet zo maar een vaandeltje, het is het symbool van het bloed dat voor de vrijheid is gevloeid. Wij voelen aan dat een vaandel voor de Polen belangrijker is dan voor Nederlanders. Het mocht ook nooit in handen vallen van de vijand en vaandels worden in en door Polen nog vaak gebruikt bij plechtigheden." Het vaandel uit het Bredase museum wordt bijvoorbeeld altijd meegevoerd bij de herdenking van de bevrijding van Breda op het Poolse erekerkhof aan de Ettensebaan.

Plechtigheid
Eind oktober 1945 vond er op de KMA zo'n grote plechtigheid plaats. Burgemeester Van Slobbe overhandigde als dank voor de bevrijding namens de Bredase bevolking een vaandel aan de Poolse bevelhebber generaal Maczek. Die gaf het doek op zijn beurt door aan de soldaten van het 8e bataljon, dat een belangrijke rol had gespeeld bij de bevrijding van Breda. Dat vaandel is al vrij snel na 1945 terechtgekomen in het Sikorski-Instituut in Londen, uit vrees dat het in Polen in handen van de communisten zou vallen. In dat instituut is om die reden nog veel meer opgeslagen.
Krzeminski, die in 1945 vaandelwacht was, en Stopa hopen dat het vaandel ooit nog eens terugkomt naar Breda, maar hebben daar niet al te veel hoop op. De schilder Stefanoff heeft een groot schilderij gemaakt van de plechtigheid, dat ook in het museum hangt. Tijdens de Nationale Taptoe wordt de vaandeloverhandiging nagespeeld.

Kunstzinnig
Maar al met al zaten de Polen die in de regio-Breda waren achtergebleven dus zonder vaandel in het begin van de jaren vijftig. Daarop is onder Polen en andere Bredanaars een inzamelingsactie op touw gezet zodat een firma in Versailles een kunstzinnig vaandel kon maken. Aan de ene kant staat de Poolse Witte Adelaar en de andere kant is versierd met een afbeelding van de Madonna van Czestochowa. In oktober 1951 werd het in aanwezigheid van opnieuw generaal Maczek overhandigd aan de Bredase Polen. Dat vaandel, waarvan de stok voorzien is van insignes met de namen van alle 'sponsors', is wél in het museum te vinden. Het wordt beheerd door de nieuwe Vereniging van de 1e Poolse Pantserdivisie, kring Nederland, die dat werk heeft overgenomen van de PTK, de Poolse katholieke vereniging.Morgen is in het kleine, maar interessante museum op de kazerne ook nog de film te zien van de Poolse opmars in de Tweede Wereldoorlog en de expositie Van Baarle-Nassau tot Moerdijk, over de bevrijding van een groot aantal plaatsen in de regio is ook nog steeds te zien.Meer informatie over het museum via http://www.maczekmuseum.nl of tel. 076-5274089.

top                                                                                                                  Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Ook 'Bredase' films in Maczekmuseum

Zaterdag 14 september 2002 - BREDA - Het Generaal Maczek Museum in Breda, dat morgen tussen 14.00 en 17.00 uur weer open is voor het publiek, vertoont dan de film Idziemy Ook heeft het museum films van Breda in oorlogstijd en tijdens de bevrijding in zijn collectie. Daarop zijn de gevechten te zien, maar ook de vreugde van de bevolking na de bevrijding in oktober 1944.

De meeste belangstelling van de bezoekers gaat normaal gesproken toch uit naar de film Idziemy met authentiek materiaal over het verblijf van Poolse militairen in Schotland, waar de vorming en training van de 1e Poolse Pantserdivisie plaatsvond en de inzet bij de invasie en de opmars van de Polen tot en met de Duitse havenstad Wilhelmshafen. Die video wordt morgen vrijwel permanent vertoond. De 'Bredase' films worden op aanvraag gedraaid en zijn volgens Krystyna Stopa van het museum ook op video te koop.Het museum toont veel herinneringen, authentieke foto's, landkaarten, uniformen en onderscheidengen. Naast deze expositie beschikt het museum in de Trip van Zoudtlandtkazerne (tijdelijke ingang Lovensdijkstraat) over een bibliotheek met ongeveer drieduizend boeken.

Er komen niet alleen geïnteresseerde Nederlanders, maar ook tweede en derde generatie afstammelingen van de Poolse veteranen, die precies willen weten wat hun vader of opa heeft meegemaakt tijdens de oorlog. Dat zijn, weet Krystyna Stopa, vaak zoektochten vol emoties.
Dat is ook het geval bij mevrouw Metselaar-Dam uit Breda, die foto's heeft van Poolse militairen die in 1944 en 1945 bij haar ouders waren ingekwartierd. Ze is op zoek naar die Polen, maar is in de loop van de jaren de namen volledig kwijtgeraakt. Ze is een van de bezoeksters van het museum. Het zijn militairen die in het 1e Regiment Antitank Artillerie van de 1e Poolse Pantserdivisie zaten en die divisie stond onder leiding van generaal Stanislaw Maczek. Het museum wil graag de namen weten van de militairen (tel. 5274089 of e-mail info@maczekmuseum.nl).
Bezoekers van het museum moeten morgen wel een identiteitsbewijs meenemen, want het museum bevindt zich op militair terrein.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Een eeuw Parkzicht te zien op foto's

Dinsdag 24 september 2002 - BREDA - Honderd foto's om een honderdjarig bestaan te vieren. In café Parkzicht aan de Paul Windhausenweg in Breda wordt zaterdag een foto-tentoonstelling geopend, waarmee honderd jaar café geschiedenis in beeld wordt gebracht.

De expositie is opgesteld door oud-uitbater Kees 'Pa' Vermeulen, die burgemeester Chris Rutten en zangeres Corry Konings heeft weten te strikken om bij de opening aanwezig te zijn.
De foto's, afkomstig van Vermeulen, Theo Rockx, het Stadsarchief en het Generaal Maczekmuseum, geven verspreid over een eeuw een beeld van de ontwikkelingen in en om Parkzicht. Zo staan de vier Poolse bevrijders op de plaat die de Duitse Panter-tank als cadeau naar Breda stuurden, zijn er foto's van verzetstrijders Paul Windhausen en Theo Pijpers en is er een 'actiefoto' van Poolse Sherman-tanks die het Wilhelminapark in rollen.

 

Maar ook feestjes, de verbouwing van de toiletten, carnaval, een overzicht van de achttien verenigingen en stamgast Joop Veuger ('al 32 jaar aan de bar') zijn op de gevoelige plaat vastgelegd en te zien op de expositie. Ook Corry Konings, die de heropening van het café verrichtte in 1976, is te zien. Zaterdag is ze er om 17.00 uur weer bij om te zien dat burgemeester Rutten de expositie officieel opent.
De foto-galerij van Parkzicht is na de opening nog een hele week te bezichtigen van 11.00 tot 18.00 uur.

top                                                                                                                  Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Maczekmuseum zet zondag deuren open

Donderdag 24 oktober 2002 - BREDA - Het Generaal Maczekmuseum, dat vrijwel op de kop af vijf jaar in de Trip van Zoudtlandtkazerne is gevestigd, is ook komende zondag open.

Normaal gesproken is het museum slechts één zondag per maand geopend (de derde), maar vanwege de herdenking van de bevrijding van Bredakan het publiek er ook zondag terecht.
De vaste (foto)expositie over de opmars van de Polen van Baarle-Nassau tot Moerdijk is er te zien, maar er wordt ook regelmatig de documentaire 'Breda Bevrijd' vertoond. De documentaire is gemaakt door de audiovisuele dienst van de KMA en behandelt de oorlogsjaren vanaf de mobilisatie tot aan de bevrijding door de Polen op 29 oktober 1944. In de film worden documenten, foto's en filmmateriaal getoond uit de oorlogsjaren. Er zijn filmbeelden van de Duitse aftocht en de vreugde bij de bevolking als de Polen en een gemengd Canadees/Engelse strijdgroep onder leiding van Generaal Maczek Breda binnentrekken.

Breda heeft sinds de bevrijding iets met de Polen. Het was dan ook niet verwonderlijk dat drie Bredanaars (Kees Coenders, Jos van Alphen en Wim Mol) het inititatief namen om een collectie foto's en andere spullen uit de oorlogsjaren te gaan verzamelen. In 1981 werd een officiële stichting opgericht: 'Museum Breda-Polen 1939-1945'. De collectie werd ondergebracht bij Kees Coenders in de Vogelenzanglaan.
Het was volgens Krystyna Stopa van het Gen. Maczekmuseum de toenmalige Poolse ambassadeur Stanislaw Komorowski die het initiatief nam om een groter onderkomen te zoeken voor het museum. Dat werd een gebouw in de Trip van Zoudtlandt-kazerne, waarvoor de bevelhebber van de strijdkrachten toestemming gaf. Later kwam Generaal Maczek op bezoek in het museum en gaf hij toestemming om zijn naam aan het museum te verbinden. Maczek's zoon en dochter schonken later een uniform van hun vader aan het museum. Het werd officieel geopend op 29 oktober 1997, de herdenkingsdag van de bevrijding van Breda. Het handelt vooral over de geschiedenis van soldaten van de 1e Poolse Pantserdivisie, maar 'kijkt' ook breder.

Naar de integratie van de Polen in Breda en Brabant bijvoorbeeld. Vrijwilligers van de tweede en derde generatie Polen, betrokken Nederlanders en veteranen en één man met een Melkertbaan zorgen ervoor dat het museum altijd op de derde zondag van de maand open kan zijn.
De belangstelling is met ruim 100 bezoekers per zondag meer dan behoorlijk. Daarnaast brengen veel groepen op aanvraag een bezoek aan de ruimte in de Trip van Zoudtlandtkazerne."We zijn ook bezig met de archivering van oude foto's", vertelt Krystyna Stopa. "Veel veteranen hebben thuis nog foto's, die ze vanwege de privacy niet af willen staan voor een expositie. Wij mogen ze wel lenen en zijn bezig die op cd-rom te zetten. We willen ook graag naar scholen toe om de geschiedenis te vertellen. Battle-tours zouden we ook graag willen maken, naar plaatsen in de regio waar in de oorlog gevochten is. Maar dat zijn toekomstdromen."Het Gen. Maczekmuseum is op zondag 27 oktober van 15.00-18.00 uur open. Legitimatie is verplicht, omdat het museum zich op een kazerneterrein bevindt.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

 

 Van onze verslaggever

Vreugde in Breda verbaasde Maczek

Vrijdag 15 november 2002 - BREDA - Zelfs generaal Stanislaw Maczek, die toch wel het een en ander gewend was op zijn tocht van Normandië naar Baarle-Nassau en Breda, verbaasde zich over de dolle vreugde in Breda nadat de stad op 29 oktober 1944 door de Polen was bevrijd.

"Terwijl de divisie de ene na de andere uitgangsstelling inneemt, beleeft Breda op een niet te beschrijven wijze haar eerste ogenblik van vrijheid. Echt carnaval - de straten zijn overbevolkt met feestende bewoners, bloemen en confetti. De etalages zijn volgeplakt met Poolse zinnen als Dziekujemy wam Polacy ('Wij danken de Polen, red.')", schreef hij in zijn memoires.Van die feestelijkheden zijn in 1944 filmopnamen gemaakt door luitenant Jerzy Januszajtis en die zijn gemonteerd in de film 'Idziemy' over de opmars van de 1e Poolse Pantserdivisie van generaal Maczek. Komende zondag is die film te zien in het Gen. Maczekmuseum in de Trip van Zoudtlandtkazerne in Breda, dat tussen 14.00 en 17.00 uur de deuren weer openzet op deze derde zondag van de maand. De ingang is weer aan de De la Reyweg en men moet zich kunnen legitimeren.
Naast Polen waren er ook Engelsen en Canadezen betrokken bij de bevrijding van Breda in 1944. En die troepen hielden al op 2 november een parade door de stad, zonder dat er maar één Pool aan kon deelnemen.

 In die tijd heeft dat volgens Krystyna Stopa van het Generaal Maczekmuseum wat kwaad bloed gezet, omdat de Polen namelijk nog aan het vechten waren in en bij Moerdijk. Maar toen die klus geklaard was, hadden de Poolse soldaten eindelijk tijd om zich te scheren, wassen en om te poetsen en om hun 'eerste grijs' aan te trekken.
Op de Poolse nationale feestdag, 11 november in 1944, kreeg Breda een parade voorgeschoteld die de stad nog nooit had gezien. Infanteristen (te voet natuurlijk) en gemotoriseerde eenheden van de 1e Poolse Pantserdivisie trokken eerst door de binnenstad, daarna draaiden ze de Chassésingel op. De 'hoge heren' stonden op een podium bij het voormalige Sportfondsenbad om de parade af te nemen. De Bredanaars stonden rijen dik en bestrooiden de Polen met bloemen. Van die parade zijn veel foto's genomen en dus ook filmopnamen, die zondag in Breda te zien zijn in het museum naast de permanente fototentoonstelling 'Van Baarle-Nassau tot Moerdijk', die veel interessante, ontroerende en herkenbare beelden bevat uit veel plaatsen tussen die twee gemeenten.

top                                                                                                                   Het auteursrecht van dit artikel berust bij Wegener NV

  12-03-2010 ◊ LAST UPDATE

 

NAAR BOVEN TERUG